10 november 2025

GEA streeft er met zijn Mission 30 naar om tegen 2040 koolstofneutraal te zijn en tegen 2030 meer dan 60% van de opbrengst uit duurzamere oplossingen te genereren. Deze beloftes reduceren de impact op het milieu en helpen producenten om hun activiteiten toekomstbestendig te maken.
Om dit te ondersteunen, verwerkt GEA systematisch duurzaamheidscriteria in productontwikkeling. Daardoor wordt grondstofefficiëntie direct behandeld als een van de belangrijkste vereisten voor ontwerp.

Er is zelfs aangetoond dat Add Better-producten grondstofefficiënter zijn. Dit is gebaseerd op een grondig evaluatieproces ontwikkeld in samenwerking met TÜV Rheinland, een wereldleidende test- en certificeringsorganisatie.
Eerst definieert GEA de systeemgrenzen – wat wil zeggen dat ze de delen van een proces, product of locatie identificeren die worden opgenomen in de milieu- of efficiëntieberekening. Op basis daarvan verzamelt, berekent en controleert het team de vergelijkbare gegevens aan de hand van het voorgaande product. Als uit de resultaten blijkt dat de efficiëntie enorm is toegenomen, volgt interne goedkeuring. Het product komt dan in aanmerking voor het label.
GEA environmental Decanters ontwateren slib in de gemeentelijke afvalwaterbehandeling, landbouw- en industriële toepassingen, inclusief de voedingsmiddelen- en drankenindustrie. Door het volume van het slib te reduceren, reduceren ze de energievraag in downstream processen, zoals drogen en verbranden, verlagen ze CO₂-emissies, vereenvoudigen ze de behandeling en reduceren ze de kosten van de afvalverwerking.
De gehele serie GEA environmental Decanters draagt een Add Better-label voor het leveren van significante energiebesparingen. Afhankelijk van de machinegrootte, levert dit besparingen van wel 15-60% op met de GEA biosolids Decanter pro-serie en besparingen van wel 22-53% met de Prime-serie.
“Voor onze klanten zijn dit onmiddellijke en meetbare verbeteringen die hun duurzaamheidsdoelstellingen direct ondersteunen”, legt Melina Laackmann, Product Manager, Separation & Flow Technologies, GEA, uit. “Onze volgende stap is om het gebruik van chemische additieven te minimaliseren, en om het volume van het slib en de verwerkingsgerelateerde emissies nog verder terug te brengen.”
GEA’s continue directe compressie- (CDC-) lijn is het vlaggenschip van het bedrijf voor de productie van medicinale tabletten. In tegenstelling tot traditionele batchprocessen, mengt en perst de CDC-lijn constant poeders samen, waardoor minder apparatuur nodig is. Dit bespaart ruimte, verlaagt het energieverbruik en vereenvoudigt de activiteiten.
GEA’s CDC-lijn draagt al sinds 2024 het Add Better-label dankzij een reductie in energieverbruik van 27%. Hoewel het concept van de directe compressie onlosmakelijk verbonden is aan een afname in ruimte-, energie- en reinigingsvereisten, was het herontwerpen van de CDC-lijn specifiek op deze aspecten gericht, om ze nog verder te verbeteren. Het nieuwste systeem bevat ook een monitoringprogramma waarmee klanten hun energieverbruik kunnen bijhouden, terwijl de procesprestaties op het vereiste farmaceutische kwaliteitsniveau worden gehouden.
James Holman
Senior Director Technology Management, Food & Healthcare Technologies, GEA
Gevoelige dranken, zoals sappen, melk, melkhoudende dranken en plantaardige dranken vereisen aseptisch afvullen voor een langere houdbaarheid. In dit proces worden gesteriliseerde producten in een steriele en gecontroleerde omgeving in voorgesteriliseerde verpakkingen afgevuld – waardoor geen aanvullende conserveermiddelen nodig zijn voor microbiële detectie.
“Dankzij een nieuw nozzle-ontwerp reduceert GEA’s ECOSpin2 Zero-vulblok het waterverbruik met 91%. Een tweede systeem wint het spoelwater terug en hergebruikt het, waardoor het zoet-waterverbruik nog verder wordt gehalveerd”, legt Barbara Bricoli, Innovation and Product Sustainability Manager, Liquid & Powder Technologies bij GEA, uit. Deze innovaties verdienden het Add Better-label in, respectievelijk, 2023 en 2025. Bestaande GEA-systemen kunnen worden aangepast om van deze innovaties te kunnen genieten.
Barbara Bricoli
Innovation and Product Sustainability Manager, Liquid & Powder Technologies, GEA
Industriële warmtepompen zijn een belangrijke technologie voor de decarbonisatie van proceswarmte en stadsverwarming. GEA’s elektrisch aangedreven warmtepomp, RedGenium, vervangt traditionele oliegestookte boilers en reduceert daarmee het elektriciteitsverbruik met 25% ten opzichte van zijn voorganger. Deze innovatie, ondersteund door een zuigercompressor met hoge capaciteit, verdiende in 2025 het Add Better-label.
“RedGenium wordt al in vele industrieën en gemeentes in Europa gebruikt en behaalt 95 graden Celsius, wat ideaal is om een fossielvrije industriële en stadsverwarming mogelijk te maken”, aldus Camille Vicier, Senior Director Sustainability & Innovation, Heating & Refrigeration Technologies bij GEA.
Koeien staan in een draaimelkstal op een rond, roterend platform en kunnen constant worden gemolken. De GEA DairyRotor verlaagt het zoet-waterverbruik per platformwasbeurt met 28%. Het verdiende in 2025 het Add Better-label. Door spoelwater tijdens verschillende reinigingscycli te hergebruiken, kunnen veehouders de kosten van de aanschaf van water en afvalverwerking verlagen terwijl de hoge hygiënestandaarden behouden blijven.
Veehouders hebben betrouwbare manieren nodig om de bedrijfskosten te verlagen en de veerkrachtigheid van hun bedrijf te versterken. Deze oplossing is een belangrijk handvat, dat de aanschafkosten van zoet water voor veehouders verlaagt en tegelijkertijd de kosten van de afvalwaterbehandeling en -verwijdering minimaliseren, waardoor de impact op het milieu weer afneemt. “GEA zet zich in om tegen 2030 oplossingen te produceren die absoluut geen zoet water gebruiken, en daarom blijven we waterbesparende maatregelen in ons hele productportfolio bevorderen”, legt Christian Mueller, Senior Director, Sustainability, Farm Technologies, GEA, uit.
Add Better is belangrijk voor onze klanten en GEA blijft zijn Add Better-portfolio constant uitbreiden tot 2030. Dit is goed voor producenten – en levert tegelijkertijd een meetbare bijdrage aan de reductie van broeikasgasemissies en waterverbruik.
“Klanten zoeken meer transparantie rondom het energieverbruik en manieren om het gebruik van water en reinigingsmiddelen te reduceren”, aldus Bricoli. “Met Add Better krijgen ze een langdurige voorsprong op het gebied van efficiëntie die wordt ondersteund door gegevens.”